Een gespannen nek, een zwakke onderrug en pijnlijke polsen en enkels
Ze kwam - op aanraden van haar acupuncturist - voor haar fysieke klachten. Ze wilde weten wat ‘erachter’ zat.
Slecht slapen,
Haar onderrug was pijnlijk, net als haar nek.
En ze had ook vaak last van haar keel, wat nu tijdens het gesprek ook ‘dikker’ leek te worden.
“Ik voel een soort strakke band om mijn nek.”
Ik liet haar verbinden met haar fysieke klachten, alsof we de klachten aan het ‘oproepen’ waren:
Ze herhaalde enkele keren “Slecht slapen” achter elkaar, en ze begon onrustig te worden bij haar schouders en hoofd.
Ze maakte contact met haar onderrug, “pijn” voelde ze erin, boosheid en verdriet en angst, veel angst.
Ze maakte contact met het gevoel rondom haar keel en nek. Het voelde benauwend, diep verdriet kwam boven.
“Ik stik”, zei ze. “Ik stik”.
Ze kwam in een ervaring waarin ze zichzelf in een ruimte ervaarde waarin twee mannen agressief binnen kwamen lopen.
De mannen pakten haar hardhanding beet en bonden haar handen achter haar rug aan elkaar vast.
Hierna volgde haar enkels.
Ze voelde dat weerstand bieden geen zin had.
Een hand in haar rug duwde haar voort, ze probeerde haar rug nog eventjes recht te houden, maar de kracht van de man was te groot.
Ze duwden haar richting een kar waarop ze gehesen werd.
De kar reed weg. Ze wist wat er ging komen, terwijl ze tussen haar bewakers in zat.
Ze begon aan andere dingen te denken. ‘Niet hier zijn.’
Ze werd op een plein op een verhoging gebracht, te midden van veel publiek. Naast haar stond een andere vrouw. Ze maakte geen oogcontact, volledig afwezig en verzonken in zichzelf.
Beide werden bij een touw gezet. Bij beide waren de handen achter rug en de voeten aan elkaar gebonden.
Het touw werd om haar nek gelegd. Ze voelde druk rond haar nek.
Ze had haar ogen dicht om niets te zien van wat ze zonet al had gezien. De menigte die niets liever wilde dat zij zou hangen.
Ze voelde verdriet in haar borst, keel en hoofd.
En toen…
Hing ze aan haar nek…
Ze spartelde… met haar benen
Door haar onderrug en nek stijg te houden en door met haar benen te spartelen,
probeerde zij zich ‘omhoog te trekken’ via haar nek.
Ze voelde boosheid, verdriet en angst in haar keel. Haar lichaam stond stijf, haar onderrug deed pijn. Onrust.
Precies dezelfde klachten als die ze in het hier en nu ervaart.
Ze stierf daar (niet helemaal).
Wat er onaf was in dat leven
Zolang ze aan dat touw hing en al die klachten had, was deze vorige persoonlijkheid van haar niet gestorven. Hadden ze niet gewonnen van haar.
Goed bedoeld, maar dit leven was al voorbij.
Ze was boos op de mensen die daar stonden: ze begrepen haar niet. Maar ze kon niks doen. Ze had willen schreeuwen, zo hard als mogelijk “Waarom doen jullie mij dit aan?”
Na haar overlijden
Ze blies haar laatste adem uit en al boven haar lichaam hangend en naar de situatie kijkend, keek ze terug op haar leven.
Ze concludeerde:
“Als je zichtbaar wordt, raak je je leven kwijt.”
Het was precies waar ze met zichzelf mee in de knoop lag: ze wilde eigenlijk haar eigen praktijk beginnen, maar ze durfde maar geen stappen te zetten.
Dat kon ook niet, want ze hing nog in de lucht en een ander deel van haar nog aan een touw, verwikkeld in een situatie waar ze ‘uit’ wilde.
Ze begreep op een gegeven moment dat ze onderbewust nog in deze ervaring gevangen zat. En die ervaring wilde ze loslaten.
Ze wilde naar het licht, naar haar beste vriendin toe. De vriendin die 10 jaar daarvoor (in 2014) was overleden aan kanker.
En die vriendin stond ook daadwerkelijk te wachten. Voor het licht.
De (energetische) hereniging met haar beste vriendin zorgde ervoor dat haar lichaam weer begon te ‘leven’. Het begon te tintelen. ‘Ze was er weer’.
De vrouw was ongekend blij, maar er bleef iets steken. Ze was veroordeeld en gedood, terwijl ze onschuldig was.
We lieten haar spreken met degene die haar verraden had, zoals ze zelf zei.
Het was een man die ze wel meer dan aardig vond, en ze had het idee dat hij dat ook van haar vond.
Daarom vertelde ze ronduit over wie ze was en wat ze graag deed: kruiden verzamelen en ze wist heel veel over hoe alles verbonden met elkaar was.
En daar raakte hij haar kwijt. En begon hij haar eng te vinden. Ze deed en had het over dingen waar hij absoluut nog nooit van had gehoord. Dit moest wel een bezwering van de duivel zijn, want er was ook iets dat hem ten diepste tot haar aantrok. Dus hij voelde onrust in zijn benen en hij ging staan, met angst in zijn stuitje (en onderrug), hij probeerde zich een houding te geven, terwijl hij verdriet in zijn keel voelde. Met ergens een diepe tegenzin excuseerde hij zich en liep weg.
In een vergadering van het dorp vertelde hij wat hij had meegemaakt en dat zorgde voor enorme beroering. Iemand anders nam de beslissing om haar op te laten pakken.
Hijzelf stond die dag naar haar ophanging te kijken, vanaf de zijkant.
Bij het weglopen leek het alsof zijn lichaam hem niet meer kon dragen. Hij stierf vele jaren later, eenzaam, onrustig, last van zijn onderrug van het ‘bezig blijven zijn om maar niet te hoeven nadenken’, zijn handen en voeten waren zwak, rondom zijn nek voelde hij een diep verdriet.
Hij ervaarde dezelfde klachten als de cliënte.
Hij was dankbaar dat zij het hem vergaf. Nu kon hij verder, hoefde hij zichzelf niet meer te (blijven) straffen. Hoefde hij zijn mond in het openbaar niet te houden, mocht hij van alternatieve geneeswijzen gebruik maken om te kunnen helen.
Zij was dankbaar dat ze nu wist hoe het zat en dat de man verder kon.
Ze ging nog een keer terug naar haar lichaam, verwijderde de touwen waarmee ze was vastgeboden aan handen en voeten en verwijderde het touw rondom haar nek. Ze voelde het meteen stromen in haar lichaam. Haar oude lichaam begroef ze bij een oude boom die altijd als een soort moeder/vriendin voor haar was.
Zij liet het leven los. Haar vriendin adviseerde haar om te gaan leven. Zij zou bij haar zijn. En wellicht zou er ook weer een leuke man komen, nu de onderliggende hekel aan krachtige mannen (grotendeels) geheeld was.
Meer voorbeelden lees je bij Praktijkvoorbeelden