De nieuwe ziekte:

Hyperfocus op gezondheid 

| Angst en Controle


Wanneer gezond leven verandert in angst en controle

Hyperfocus op gezondheid ontstaat wanneer gezond leven niet langer voortkomt uit plezier of zorgzaamheid, maar uit angst, controle en het vermijden van een gevreesd scenario (ziekte, verlies, dood).

De Grote Angst om ziek te worden

Een grote angst om ziek te worden – of om ‘eerder’ dood te gaan als gevolg van een ongezonde leefstijl – kan leiden tot een sterke focus op gezond eten, veel sporten en presteren met het lichaam. Op het eerste gezicht lijkt dit positief: iemand leeft gezond, beweegt veel en let op voeding. Maar bij sommige mensen verschuift gezond leven ongemerkt naar gezond móéten leven.

Gezond zijn krijgt dan een steeds nauwer gedefinieerde betekenis, zoals:“Ik heb de hele dag energie. Ik sport minimaal 60 minuten. Mijn prestaties verbeteren. Ik blijf binnen mijn schema.”

Er ontstaat een persoonlijke bandbreedte waarbinnen iemand gelooft: als ik hierbinnen blijf, ben ik veilig (en kan ik een lang leven leven). Buiten die bandbreedte ligt angst.

Gezondheid als middel tegen angst

De wens om lang te leven en goed voor het lichaam te zorgen is op zichzelf heel logisch. Het lichaam draagt je immers je hele leven. Maar wanneer deze zorg primair wordt aangestuurd door angst – angst voor ziekte, aftakeling of dood – ontstaat stress.

En stress is, paradoxaal genoeg, allesbehalve gezond.

Het leven wordt dan ondergeschikt aan een einddoel (oud worden) waarvan niemand de uitkomst kan garanderen. Ongevallen, ziektes of onverwachte gebeurtenissen laten zich niet weg-sporten of weg-eten. Toch probeert men dat vaak wél.

Het verschil tussen

“moeten, omdat anders…”

en “fijn, omdat…”

Er zit een wezenlijk verschil tussen:

  • gezond leven vanuit plezier en vitaliteit

  • gezond leven vanuit angst en dwang

Bij het eerste is er flexibiliteit. Bij het tweede ontstaat spanning. Afwijken van het schema geeft onrust, schuldgevoel of paniek. Wat ooit begon als zelfzorg, verandert langzaam in zelfcontrole.


Discipline of dwang?

Een belangrijk onderscheid dat hier vaak ontbreekt:

  • Discipline is flexibel, herstellend en in verbinding met het leven

  • Dwang is rigide, angstgedreven en kost steeds meer energie

Wanneer een dag zonder sport, een maaltijd buiten het ‘plan’ of een periode van minder controle direct spanning oproept, is dat een belangrijk signaal.


De behoefte aan controle

Onder hyperfocus op gezondheid ligt vaak een diepere laag: angst voor controleverlies.

Hoe meer controle iemand ervaart over het lichaam, hoe sterker het gevoel dat het leven beheersbaar is. Het lichaam wordt dan het laatste bastion van controle.
Niet zelden ontstaat hierbij ook de neiging tot vergelijken: “Ik doe het beter dan anderen.” Dat geeft tijdelijk geruststelling, maar vergroot op termijn de innerlijke druk.

Andere levensgebieden – relaties, plezier, spontaniteit, zingeving – raken steeds meer op de achtergrond, vanuit de (onbewuste) aanname dat gezondheid automatisch betekent dat het leven ‘klopt’.

Vermijding en inperking van het leven

Angst voor ziekte kan zich ook uiten in vermijdingsgedrag. Alles wat mogelijk ziekmakend zou kunnen zijn, wordt gemeden: drukke ruimtes, mensen, openbare plekken, onhygiënische situaties.

Het probleem is dat niemand alles kan overzien. Het leven laat zich niet steriliseren. Toch wordt het bestaan steeds verder ingeperkt, tot gezondheid geen middel meer is om te leven, maar een reden om níet te leven.

Wat begon als onderhoud (bijvoorbeeld één keer per week sporten) escaleert vaak naar meer, langer en strenger. Ook de omgeving wordt onbewust meegezogen: eetpatronen, sociale afspraken en gezinsleven moeten zich aanpassen aan de angst.


Wanneer angst geen raadgever meer is

Angst heeft een functie. In gezonde vorm werkt zij als intuïtie. Maar wanneer de alarmsignalen continu afgaan, is er geen sprake meer van bescherming – dan is het systeem ontregeld.

Chronische spanning, vermoeidheid, prikkelbaarheid, hormonale disbalans en verlies van levensvreugde zijn veelvoorkomende signalen dat iemand te gezond bezig is geworden.


Diepere oorsprong:

kindertijd, voorouders of eerdere levens

Binnen regressie- en reïncarnatietherapie wordt gekeken naar de diepere oorsprong van deze angst.

Soms ligt die in de kindertijd, bijvoorbeeld bij ervaringen van machteloosheid of onveiligheid. In andere gevallen kan angst voor ziekte of dood voortkomen uit ervaringen in de voorouderlijke lijn, waarin ziekte, verlies of gebrek aan autonomie een grote rol speelden.

Ook ervaringen uit eerdere levens kunnen – volgens deze benadering – een imprint hebben achtergelaten. De angst was destijds misschien logisch en levensreddend, maar werkt in het huidige leven belemmerend.

Door terug te gaan naar het moment van ontstaan, kan inzicht ontstaan in waarom deze angst zo sterk aanwezig is – en waarom hij niet meer nodig is.

Van controle naar innerlijke veiligheid

Het doel is niet om ‘minder gezond’ te leven. Het doel is innerlijke veiligheid, zodat gezondheid geen dwang meer hoeft te zijn.

Wanneer angst wordt losgelaten, ontstaat ruimte voor vertrouwen. En pas dan kan gezondheid weer een ondersteuning van het leven zijn – in plaats van een gevangenis.

Hyperfocus op gezondheid hangt vaak samen met een diepere angst voor controleverlies. Lees hier meer over angst voor controleverlies en hoe dit zich kan uiten in het lichaam en gedrag.